|
Op je eigen omafiets door Berlijn Op het moment dat je impulsief besluit te gaan fietsen in Berlijn, is het niet heel erg voor de hand liggend dat je je eigen (stads)fiets meeneemt. Niet voor de hand liggend, maar wel leuk, dachten vriendinnen Laura en Elien toen ze een tripje Berlijn in de planning hadden. Zo gezegd, zo gedaan. De achterbank gaat plat, twee opoefietsen erbovenop en off we go.
Met een auto volgepakt met lekkere broodjes, koffie, andere versnaperingen, en eindbestemming Berlijn-City op de TomTom vertrekken we zaterdagochtend vol frisse moed uit Amsterdam. Iets meer dan vijf uur later rijden we op een weg rond Berlijn, maar de grote vraag is waar we onze auto kwijt moeten. Want twee dagen parkeren midden in de stad is niet de handigste (lees: voordeligste) optie. Oké, dan maar ergens afslaan en zien waar we terecht komen. Het bij de Duitsers zo geliefde immer gerade aus gaat ook hier weer op, want aan het eind van de afslag ligt een ogenschijnlijk relaxt buurtje met plek zat voor onze grote auto. We parkeren de wagen en laden onze rugzakjes en fietsen uit. Daar zit je dan: in Berlijn, op je eigen fiets… bizar!
Vals plat
Na wat aanwijzingen te hebben gevraagd, raken we toch een beetje verdwaald in het voor ons nog onbekende Berlijn. Gelukkig hebben we een kaartje. Wij zijn net als veel vrouwens type kaartendraaiers – dus als we links- of rechtsaf moeten, wordt de hele kaart meegedraaid, anders snappen we het niet. Na de kaart tien keer 180 graden te hebben gedraaid weten we in welke richting we moeten fietsen. Trappen is niet echt nodig, want we hebben de wind in onze rug en de weg lijkt naar beneden de lopen. “Dit noemen ze nou vals plat!”, schreeuwt Laura die voor me fietst. Ik heb geen enkel idee waar ze het over heeft, maar later blijkt dat vals plat iets heel anders is. Maakt niet uit, want een kwartiertje later zijn we bij ons appartementje aan de Függerstrasse in de wijk Schöneberg. In deze wijk worden we ietwat raar aangekeken door de overwegend mannelijke voorbijgangers, maar zoals later blijkt is dit het homoseksuele gebied van de stad. Weer wat geleerd.
Wienerschnitzel en Chardonnay
We droppen onze spullen in ons schattige appartementje en pakken snel weer de fiets. Op naar een leuk restaurantje. Het is heerlijk, gemoedelijk fietsen in het lentezonnetje in de voor Berlijn zo kenmerkende brede straten. We hoeven niet ver te fietsen, want al na tien minuten komen we een leuk restaurant tegen met een vol terras, pal in de zon. We denken geen twee keer na en stappen af. Hier doen we een fijne ontdekking: in Duitsland schenken ze de wijn op inhoudsmaat en voor een habbekrats bestellen we twee flinke glazen Chardonnay. Terwijl we onze route voor de volgende dag uitstippelen, genieten we van een wienerschnitzel mit pommes. We duiken vroeg ons bed in, want we moeten de volgende dag weer vroeg uit de veren.
Groen
In onze reisgids staan een paar leuke tips over dingen die we graag willen zien. We hebben geen duidelijke fietsroute en besluiten van bezienswaardigheid naar bezienswaardigheid te fietsen, via de Kurfürstendamm. Als eerste is de Kaiser Wilhelm Gedächtniskirche aan de beurt. Helaas staat ‘ie in de steigers, maar toch is het mooi om deze herinneringskerk uit 1895 te bekijken. De kerk, gebouwd door Wilhelm II als eerbetoon aan zijn grootvader keizer Wilhelm I, werd in 1943 verwoest. Alleen de westertoren bleef overeind en is nu een van de symbolen van de stad. Hierna stappen we weer op de fiets. Berlijn is opvallende ruim opgezet, met veel groen. Hier willen wij ook een graantje van meepikken en we besluiten onze tocht te vervolgen via het stadspark Tiergarten – dat z’n naam dankt aan het feit dat dit vroeger koninklijk jachtgebied was. Onze volgende bestemming is één van de Berlijnse hotspots: de Reichstag. Planning is niet onze middle name en we komen hier op spitsuur aan. Enigszins ontmoedigd door de rij van vijf kilometer voor de deur, besluiten we dan maar een paar foto’s te maken. De Brandenburger Tor is om de hoek. Omdat we een goede foto willen terwijl we onder het monument doorfietsen, herhalen we dit zo’n tien keer. Ach ja, we zijn gewoon enthousiast.
Jugendstil en tandpasta
Een mens moet ook eten, dus besluiten we naar de Hackesche Höfe te fietsen, een plein met prachtige jugendstil woningen. Onderweg zijn we naarstig op zoek naar tandpasta, want die zijn we vergeten en alle winkels zijn dicht. Maar het mag de pret niet drukken en met een stevige bodem in onze maag laten we de fiets heel even voor wat ‘ie is en vetrekken per tram naar de wijk Hohenschönhausen waar de Gedenkstätte staat, maar nog belangrijker: de voormalige Stasi gevangenis. Berlijn vanuit de tram zien is leuk, maar we missen de vrijheid die het fietsen geeft. Eenmaal terug bij onze trouwe tweewielers vertrekken we naar een gezellig restaurantje, om daarna de dag goed af te sluiten in discotheek Felix, naast het Jodenmonument aan de Ebertstrasse.
Van de nood een deugd
Dag drie van ons fietsavontuur besluiten we iets rustiger aan te doen. We fietsen op ons gemak door het park, waar ons een voortreffelijk ontbijt wacht bij een gezellig tentje. Op het fietsmenu voor deze dag staat de Berlijnse muur en alles wat daarbij hoort. Eerst fietsen we naar het deel van de stad waar nog restanten van de muur te zien zijn. Het is opvallend dat over de hele weg daar in de buurt een dubbele rij klinkers ligt: oftewel de plek waar de muur ruim twintig jaar geleden liep. Bij checkpoint Charlie zien we twee soldaten met een bordje om hun nek ‘Foto € 1,-’. Ons iets te toeristisch allemaal, dus na een bliksembezoekje en zonder foto fietsen we door naar de Eastside Gallery. Eastside gallery is een stuk van de muur waar kunstenaar hun werken op hebben gezet. Een aantal stokpaardjes zijn de trabant die uit de muur komt en natuurlijk ‘de kus’ tussen Brezjnev en Honecker. Wij vinden het prachtig, zeker gezien het oorspronkelijke doel van de muur. Omdat we op de laatste dag niet al te lang hebben, fietsen we nog wat rond zonder concreet doel en eten tot slot nog een stuk Schwarzwalder kirschtorte, want dat mag natuurlijk niet ontbreken aan een tripje naar Duitsland. Ietwat beduusd laden we onze fiets weer in de auto, want eigenlijk zijn twee veel dagen te kort om zelfs maar een deel te zien van Berlijn. Maar eerlijk is eerlijk, nu kunnen we wél weer onze tanden poetsen… |